zondag 23 januari 2022

Eens, heel lang geleden

 

 


 

 

Eens, heel lang geleden,

waren de mensen nog primitief

Maar godzijdank, dat is lang geleden

Nu zien we het goede en zijn we lief

 

Ik zie het goede in jou

Jij ziet het goede in mij

Wij voelen ons verbonden

Toch zijn we beiden vrij

 

Vrij om te kiezen en vrij te laten gaan

Alle pijnen goed te voelen

Van de mens hier ver vandaan

Van een wereld naar de klote

De natuur die klaagt ons aan

Maar die vuile grootverdieners

Gaan voor hun ego naar de maan

 

Eens heel lang geleden

Waren de mensen nog primitief

Maar godzijdank, dat is lang geleden

Nu zien we het goede en zijn we lief

 

Ik heb geen kleur meer en geen natie

Geen geschiedenis of trots

Ik ben schuldig aan van alles

En dit besef is nu mijn rots

Want de toekomst wordt geboren

Uit gevoel dat is ontleend

Aan wat een ander heeft ervaren

Niet hoe ik het heb gemeend

 

Ik zie het goede in jou

Jij ziet het goede in mij

Maar mijn cultuur is zwaar beladen

Daarom is hier niemand vrij

 

En we zoeken naar de ander

Op een scherm, met een klik

Hopend op een like-notering

Dan is de ander, zoals ik

 

Eens, heel lang geleden,

waren de mensen nog primitief

Maar godzijdank, dat is lang geleden

Nu zien we het goede en zijn we lief

 

Ik wil deugen met jou

Als jij wil deugen met mij

Laat de anderen maar slapen

Wij zijn wakker, wij zijn vrij

En wat we zijn verloren

Die vertrouwde goede grond

Dat gaat niet aan, want wij gaan scoren

Niet met de voeten, maar met de mond

 

Ik zie het goede in jou

Jij ziet het goede in mij

Anders kan ik je nog blokken

En is mijn horizon weer vrij

zaterdag 30 oktober 2021

Nederlandse toestanden

 


 

De beerput van de jeugdzorg, o god wat is die diep

Het was wel veertig jaren dat de samenleving sliep

Maar de toeslagenaffaire bracht zomaar aan het licht

Wat niemand wilde weten van Den Helder tot Maastricht

 

Bestuurders, rechters, ambtenaren, blinde Hoge Raad

Kapot-gepolderd wanbestuur, land van middelmaat

Eindeloos gesprek aangaan, ‘we komen er wel uit’

Nog één loze belofte en de vlaggen kunnen uit

 

Het einde is nog niet in zicht, van nodeloos verdriet

Er ligt de burgers van dit land nog heel wat in ’t verschiet

Aangewezen als verdachte, is veroordeling een feit

Praten, bellen, brieven schrijven, een hopeloze strijd

 

Het doel is om kapot te maken, bloedend als een rund

Je geld, je goed, je reputatie, geen adem wordt gegund

Kinderen worden weggeroofd, gezinnen gaan kapot

Jeugdzorg of belastingdienst; systeem totaal verrot

 

Journalisten willen graven, zien de wortel van het kwaad

Dat achter al die ‘incidenten’ een structuur verscholen gaat

Normale burgers -is bewezen- worden keihard aangepakt

‘Goede intenties’ van instanties eindelijk door het ijs gezakt

 

 

 

 

zondag 24 oktober 2021

Voorbij het midden

 

 

De flarden van onze versleten dromen

komen zachtjes bijeen in herfstwind

Ik ontmoet jou als een bekende vreemde

in de luwte waarin zich ons leven bevindt

 

Waar niets vooruit stuwt door verlangen

Maar alles meedrijft op heldere lucht

Het willen, in elke vorm gebroken

Van de zoete liefde tot de harde tucht

 

Waar desondanks zich wegen ontvouwen

Nauwelijks gehinderd door de ijdele greep

Van hoofd of hart of lichamelijk zwelgen

Politiek, religieus of sociaal gedweep

 

Het leven heeft ons streng onderwezen

Wij voeren onwetend op een grote stroom

Voorwaarts rennend, dreven wij naar achter

En neerwaarts groeide onze levensboom

 

Kleine lichtjes vonden we in het duister

Grote schaduwen versloegen het licht

Verjoegen de dromen van jongere jaren

En hadden het huis van morgen ontwricht

 

Wat staan bleef was het onbestemde

Dat niet noodzakelijk goed was of slecht

Maar in draaiende beweging op ons af kwam

Nog in haar vreemdste kronkelingen recht